Verandering biedt kansen
Home / Nieuws / Vakantiedagen tijdens slapend dienstverband: wat moet je als werkgever weten?
Als werkgever met een langdurig zieke medewerker in dienst, heb je na twee jaar ziekte te maken met een slapend dienstverband. Tot nu toe was de aanname vaak dat een medewerker in die periode geen vakantiedagen opbouwt, omdat er geen recht op loon bestaat. Maar die aanname staat onder druk. Een kantonrechter heeft op 17 maart 2026 besloten een principiële rechtsvraag aan de Hoge Raad voor te leggen: bouwt een arbeidsongeschikte medewerker toch vakantiedagen op tijdens een slapend dienstverband? Zolang de Hoge Raad geen antwoord heeft gegeven, bevindt jij je als werkgever in een juridisch grijs gebied. Dat heeft concrete gevolgen voor je personeelsadministratie en je financiële risico.
Een slapend dienstverband ontstaat wanneer een medewerker na twee jaar arbeidsongeschiktheid niet wordt ontslagen, maar het dienstverband ook niet actief wordt voortgezet. De medewerker heeft op dat moment geen recht meer op loon en ook geen re-integratieverplichtingen. Het dienstverband bestaat formeel nog wel, maar er gebeurt in de praktijk niets meer.
Dit is een situatie die bij veel werkgevers voorkomt. Zodra de loondoorbetalingsverplichting stopt, moet je als werkgever toestemming vragen aan het UWV voor ontslag. Die procedure kost tijd. Daarna geldt ook nog een opzegtermijn. In die tussenperiode is er dus vrijwel altijd sprake van een slapend dienstverband, al is dat soms maar enkele weken.
In de zaak die tot de rechtsvraag heeft geleid, vroeg een werkneemster om uitbetaling van vakantiedagen die zij had opgebouwd in de periode van haar slapend dienstverband. Dat slapend dienstverband liep van 27 juli 2025 tot 21 augustus 2025, een periode van enkele weken na het einde van de loondoorbetalingsverplichting.
Artikel 7:634 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat een medewerker vakantiedagen opbouwt over de periode waarin hij recht op loon heeft gehad. Tijdens een slapend dienstverband bestaat dat recht op loon niet. Op grond van dit wetsartikel zou de werkneemster dus geen vakantiedagen hebben opgebouwd.
De kantonrechter twijfelt echter of die redenering klopt en wil van de Hoge Raad weten of de wet hier wel de juiste uitkomst geeft. Dat is een fundamentele vraag, want het antwoord heeft gevolgen voor veel lopende en toekomstige arbeidsrechtelijke geschillen.
Rechtsonzekerheid door tegenstrijdige uitspraken
De rechtsonzekerheid is niet nieuw. Inmiddels hebben zes verschillende kantonrechters zich over dit onderwerp uitgesproken, met deels tegenstrijdige uitkomsten:
Bovendien zijn meerdere zaken geëindigd in een schikking, waardoor er ook geen duidelijke rechterlijke lijn is ontstaan. Ook in de juridische literatuur zijn de meningen verdeeld. Bij de gerechtshoven zijn over dit onderwerp nog geen zaken aanhangig, wat betekent dat er ook op dat niveau nog geen hoger oordeel is.
De kantonrechter heeft vastgesteld dat beide partijen instemmen met het stellen van de rechtsvraag. De Hoge Raad wordt nu gevraagd definitief klaarheid te geven.
Zolang de Hoge Raad geen uitspraak heeft gedaan, weet je als werkgever niet zeker of je medewerkers vakantiedagen opbouwen tijdens een slapend dienstverband. Dat schept risico’s, zeker als je meerdere langdurig zieke medewerkers in dienst hebt of hebt gehad.
Concreet zijn er drie situaties waarvoor je alert moet zijn:
De rechtsvraag gaat niet alleen over óf vakantiedagen worden opgebouwd, maar specifiek of dit gebeurt “tegen loonwaarde”. Dat is een belangrijk onderscheid. Als de Hoge Raad oordeelt dat vakantiedagen worden opgebouwd en bij uitdiensttreding moeten worden uitbetaald, dan gaat het om een financiële aanspraak die gebaseerd is op het loon dat de medewerker verdiende vóór zijn arbeidsongeschiktheid.
Voor werkgevers met medewerkers in hogere loonschalen kan dat een aanzienlijk bedrag zijn, zeker als het slapend dienstverband meerdere maanden heeft geduurd.
Wacht niet op de uitspraak van de Hoge Raad als je nu al te maken hebt met slapende dienstverbanden. Een aantal praktische stappen helpt je om risico’s te beperken:
De rechtsvraag aan de Hoge Raad over vakantiedagen tijdens een slapend dienstverband is geen abstracte juridische discussie. Het is een vraag met directe financiële gevolgen voor werkgevers in Nederland. De uitkomst kan betekenen dat je als werkgever vakantiedagen moet uitbetalen over een periode waarin je dacht dat er geen kosten meer waren.
Tot die uitspraak er is, geldt: wees voorbereid. Zorg voor goede administratie, sluit slapende dienstverbanden zo snel als mogelijk af en laat je adviseren als je twijfelt over jouw specifieke situatie.
Bron: Salaris Vanmorgen
Actueel
Update Special Lonen 2026
Definitief geen teruggaaf box 3 2017-2020 voor niet-bezwaarmakers
Werken in de hitte: wat moet je als werkgever doen?
Deel dit bericht
Nog niet uitgelezen?
De Update Special Lonen 2026 staat voor je klaar! Dit is een actueel en praktisch naslagwerk voor werkgevers en HR medewerkers. De update is dit jaar uitgebreider dan anders. Sinds de versie van januari is er veel nieuwe wet en regelgeving bijgekomen. Je vindt in de special actuele cijfers en relevante regels over onder andere […]
De Hoge Raad heeft op 25 juni 2026 definitief geoordeeld dat belastingplichtigen die geen of te laat bezwaar maakten tegen de box 3-heffing over 2017 tot en met 2020 geen recht hebben op rechtsherstel. Daarmee komt een einde aan de massaalbezwaarplusprocedure en is voor deze groep een teruggaaf box 3 over deze jaren definitief van […]
Werken in de hitte brengt risico’s met zich mee voor de gezondheid, veiligheid en prestaties van medewerkers. Als werkgever ben je wettelijk verplicht om deze arborisico’s te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Dat geldt voor buitenwerk, zoals bouw, groenvoorziening en wegwerk, maar ook voor binnenwerk in warme ruimtes. Met een goed hittebeleid voorkom je […]
Als werkgever krijg je met bijtelling te maken wanneer een werknemer de auto van de zaak ook privé gebruikt. Soms betaalt de werknemer zelf kosten voor die auto. Die kosten kunnen in bepaalde situaties de bijtelling verlagen. Maar dat mag niet zomaar. Vooral bij betalingen aan derden zijn de voorwaarden streng. Goede afspraken en een […]
De staatssecretaris van Financiën heeft aanpassingen aangekondigd voor de 12% pseudo-eindheffing voor fossiele personenauto’s van de zaak. Deze eindheffing gaat in 2027 in. We hebben de belangrijkste feiten en wijzigingen voor je opgesomd. 12% pseudo-eindheffing Een werkgever die een personenauto aan een medewerker ter beschikking stelt, ofwel een auto van de zaak, moet vanaf 2027 […]
© 2026 - Stolwijk Kennisnetwerk