Verandering biedt kansen
Home / Nieuws / Hoe gaat Belastingdienst om met voorkomen van dubbele belasting box 3?
Hoe de Belastingdienst omgaat met het voorkomen van dubbele belasting in box 3 hangt af van 2 aspecten: 1. Van welk belastingjaar sprake is; 2. Of je als belastingplichtige een OWR-formulier hebt ingediend. Per situatie een korte toelichting.
Behoor je als belastingplichtige tot de doelgroep Wet rechtsherstel box 3, dan legt het systeem een aanslag op op basis van het laagste voordeel uit sparen en beleggen. Daarbij wordt een vergelijking gemaakt tussen de forfaitaire berekeningsmethode van de oude box 3 en van de Wet rechtsherstel box 3. Het laagst berekende voordeel uit sparen en beleggen wordt in aanmerking genomen. De daarbij horende verschuldigde belasting is niet van belang.
Dien je als belastingplichtige wel een OWR-formulier in, dan legt het systeem een aanslag op op basis van de laagst verschuldigde belasting. De aanslag wordt dan opgelegd op basis van 1 van de 2 forfaitaire rekenmethoden óf het werkelijke rendement. Daarbij is dan niet het laagste voordeel uit sparen en beleggen van belang, maar de laagst verschuldigde belasting.
Het systeem legt een aanslag op op basis van de Overbruggingswet box 3.
Dien je als belastingplichtige wel een OWR-formulier in, dan legt het systeem een aanslag op op basis van de laagst verschuldigde belasting. De aanslag wordt dan dus opgelegd op basis van de Overbruggingswet box 3 óf het werkelijke rendement. Daarbij is dan niet het laagste voordeel uit sparen en beleggen van belang, maar de laagst verschuldigde belasting.
Als een hoger werkelijk rendement dan een forfaitair rendement leidt tot een lagere belastingaanslag door een hogere aftrek ter voorkoming van dubbele belasting, dan legt de Belastingdienst de aanslag op aan de hand van het hogere werkelijke rendement.
Let op! Een hoger werkelijk rendement kan leiden tot een hoger verzamelinkomen. Dit kan nadelig uitwerken voor inkomensafhankelijke regelingen.
Als dit nadeel groter is dan het voordeel van de lagere belastingaanslag, is het verstandig om geen OWR-formulier in te dienen. Heb je toch een OWR-formulier ingediend, dan kun je bezwaar maken tegen de vaststelling van het hogere verzamelinkomen. Of je kunt een verzoek om navordering doen.
Bron: SRA
Actueel
Special Miljoenennota 2027: de voorgestelde maatregelen
Kabinet zet scenario’s nieuw box 3-stelsel op een rij
Loondoorbetaling bij ziekte mogelijk aangepast: dit betekenen de scenario’s voor werkgevers
Deel dit bericht
Nog niet uitgelezen?
Het kabinet presenteerde op Prinsjesdag 2026 de Miljoenennota 2027 en het Belastingplan 2027. In onze special vind je de voorstellen van het kabinet die de komende periode door de Tweede en Eerste Kamer worden behandeld. De voorgestelde maatregelen gaan in per 1 januari 2027, tenzij anders vermeld. Ook vind je wijzigingen die al eerder bekend […]
Het kabinet heeft dinsdag in een Kamerbrief de dilemma’s bij vier scenario’s voor de toekomst van box 3 opgesomd, variërend van aanpassingen aan de Wet werkelijk rendement tot een versnelde overstap naar een volledige vermogenswinstbelasting. De financiële gevolgen van de verschillende scenario’s lopen sterk uiteen. De duurste route kost de schatkist tot en met 2035 […]
De loondoorbetaling bij ziekte kan in de toekomst veranderen. Het kabinet onderzoekt verschillende mogelijkheden om de regels werkbaarder te maken voor werkgevers, vooral voor het mkb. Zo wordt gekeken naar een kortere loondoorbetalingsperiode, een collectieve voorziening voor het tweede ziektejaar en minder ruimte voor bovenwettelijke aanvullingen. Ook eenvoudigere regels rond ontslag en re-integratie zijn in […]
Hoge brandstofkosten zorgen ervoor dat werkgevers kritischer naar hun zakelijke mobiliteit kijken. Vooral de elektrificatie van het wagenpark krijgt hierdoor extra vaart. Tegelijk sturen organisaties scherper op kosten, zakelijke kilometers en thuiswerken. Voor werkgevers is dit daarom een goed moment om het mobiliteitsbeleid opnieuw te beoordelen. Zeker met het oog op de voorgenomen pseudo-eindheffing voor […]
De regels voor de bijtelling van een auto van de zaak veranderen niet. Medewerkers en ondernemers die tijdens het jaar stoppen met privégebruik, kunnen de bijtelling niet vanaf dat moment beëindigen. De grens van 500 privékilometers blijft namelijk gelden voor het hele kalenderjaar. Voor werkgevers is het daarom belangrijk om medewerkers vooraf goed te informeren […]
© 2026 - Stolwijk Kennisnetwerk