Verandering biedt kansen
Home / Nieuws / Handboek Loonheffingen 2026: wat verandert er voor jou als werkgever?
De Belastingdienst heeft het Handboek Loonheffingen 2026 gepubliceerd. Het handboek bevat de bijgewerkte tarieven en bedragen per 1 januari 2026, maar gaat verder dan een technische update. Op een aantal terreinen zijn de regels inhoudelijk aangescherpt of verduidelijkt. Als werkgever krijg je te maken met wijzigingen rond arbeidsrelaties, de expatregeling, vervroegde uittreding en pensioen. In dit artikel lees je wat de belangrijkste aanpassingen zijn en wat die voor jouw organisatie betekenen.
Allereerst het gebruikelijke jaarwerk: alle tarieven, bedragen en percentages zijn verwerkt per 1 januari 2026. De Belastingdienst verwijst nu consequent naar Bijlage 1, de centrale verzameling van alle actuele fiscale parameters. Verouderde verwijzingen en regelingen zijn opgeschoond. Zo zijn alle vermeldingen van het lage-inkomensvoordeel (LIV) uit het handboek verwijderd, omdat die regeling per 2025 is afgeschaft.
Als werkgever hoef je hiervoor niets actiefs te doen, maar het is verstandig te controleren of je salarisverwerking en administratie de nieuwe tarieven correct toepassen.
Op het gebied van arbeidsrelaties en schijnzelfstandigheid opereert de Belastingdienst bewust voorzichtig. De zogenoemde zachte landing bij de handhaving wordt in 2026 in bepaalde gevallen voortgezet. Dat betekent dat werkgevers die een arbeidsrelatie onjuist kwalificeren niet automatisch een verzuimboete opgelegd krijgen.
Dit biedt ruimte, maar geen vrijbrief. De beoordeling van arbeidsrelaties is tegelijkertijd structureel verduidelijkt. Als je werkt met zelfstandigen, is het verstandig de kwalificatie van die relaties te toetsen aan de herziene structuur in het handboek. De handhavingsvrijheid is tijdelijk; de verwachting is dat de Belastingdienst strikter gaat optreden naarmate de tijd vordert.
Het handboek geeft de regeling rond de overgang van onderneming een prominentere positie. De term vervangt de eerdere, bredere omschrijvingen rondom fusies en overnames. De paragraaf is inhoudelijk uitgebreid en op meerdere plaatsen in het handboek verankerd.
Ben je betrokken bij een bedrijfsovername, fusie of splitsing? Dan is het van belang de loonheffingengevolgen specifiek te toetsen aan de regels voor overgang van onderneming. De fiscale behandeling van medewerkers die meegaan, kan anders uitpakken dan bij een reguliere indiensttreding.
Binnen het loonbegrip zijn twee aanpassingen relevant voor werkgevers.
Ten eerste maakt het handboek expliciet dat verplichte werknemersbijdragen op grond van een cao onder omstandigheden als negatief loon kunnen worden aangemerkt. Dit heeft invloed op de grondslag waarover loonheffingen worden berekend.
Ten tweede is de verwijzing naar de gebruikelijkheidstoets uitgebreid, inclusief de doelmatigheidsgrens van 2.400 euro per persoon per jaar. Deze toets speelt een rol bij de beoordeling of vergoedingen en verstrekkingen via de werkkostenregeling acceptabel zijn. Check of jouw vergoedingsbeleid nog in lijn is met deze grens, zeker wanneer cao-verplichtingen en inhoudingen samenkomen.
De meest ingrijpende wijziging voor internationaal opererende werkgevers betreft de expatregeling. Het overgangsrecht is beëindigd. Dat heeft directe gevolgen:
Als je buitenlandse medewerkers in dienst hebt waarvoor je gebruikmaakt van de expatregeling, is het van belang de arbeidsovereenkomsten en vergoedingsstructuren opnieuw te beoordelen. De regeling wordt zichtbaar soberder.
Voor werkgevers die oudere medewerkers begeleid willen laten uitstromen, verandert het financiële speelveld. De drempelvrijstelling in de RVU-regeling is niet langer tijdelijk, maar structureel gemaakt. Dat biedt zekerheid voor langetermijnplanning.
Tegelijkertijd is het tarief van de pseudo-eindheffing verhoogd naar 57,7 procent. Bovendien vervalt de mogelijkheid van terugwerkende kracht bij verhogingen van de drempelvrijstelling. Wie vervroegd uittreden faciliteert, moet de financiële consequenties dus scherper vooraf doorrekenen.
Werkgevers krijgen langer de tijd om hun pensioenregeling aan te passen aan de Wet toekomst pensioenen. De uiterste datum is verschoven van 1 januari 2027 naar 1 januari 2028. Dit geeft extra ruimte om de overgang zorgvuldig voor te bereiden, maar ontslaat je niet van de verplichting. Gebruik deze extra tijd om het transitieplan concreet uit te werken.
Een minder breed besproken maar potentieel ingrijpende wijziging betreft de dienstverlening aan huis en zorgverleners die werken via een persoonsgebonden budget. Het handboek loopt vooruit op mogelijke wetswijzigingen. Als deze worden doorgevoerd, kunnen budgethouders inhoudingsplichtig worden voor loonheffingen, ook wanneer zorgverleners minder dan vier dagen per week werken.
Dit zou voor een grote groep particulieren een aanzienlijke administratieve lastenverzwaring betekenen. Hoewel het hier om een anticiperende tekst gaat, is het verstandig dit dossier te volgen als je betrokken bent bij de organisatie van zorg aan huis.
De tekst over uitzendkrachten en payrollmedewerkers is grondig herzien. De Belastingdienst geeft uitleg over de allocatiefunctie en legt de verschillen tussen uitzend- en payrollovereenkomsten nauwkeuriger vast. Dit is relevant voor werkgevers die gebruik maken van flexibele arbeidskrachten via een uitzend- of payrollbureau.
Controleer of de contractvorm die je hanteert aansluit bij de definitie die het handboek nu hanteert. Bij een onjuiste kwalificatie kunnen loonheffingengevolgen optreden die je niet had voorzien.
Het Handboek Loonheffingen 2026 is meer dan een jaarlijkse bijwerking van bedragen en tarieven. De wijzigingen rond de expatregeling, de RVU-regeling, de overgang van onderneming en de regels voor arbeidsrelaties vragen actieve aandacht. Concreet is het aan te raden:
Het volledige handboek is te raadplegen via de website van de Belastingdienst.
Bron: Accountancy Vanmorgen
Actueel
Verzoek andere partnerverdeling box 3 ná definitieve aanslag
“Slechts 20% van de belemmeringen voor duurzame gemeenten is wettelijk van aard”
Nieuwe tweestapsverificatie Nmbrs: Visma Connect
Deel dit bericht
Nog niet uitgelezen?
De Belastingdienst adviseert om een verzoek voor een andere partnerverdeling van het werkelijk rendement in box 3 pas in te dienen ná ontvangst van de definitieve aanslag. Maar wacht dan niet te lang. Het verzoek moet namelijk bij de Belastingdienst binnen zijn voordat de aanslagen van beide partners onherroepelijk vaststaan. Andere partnerverdeling box 3 De […]
De overige 80% zit in het interne functioneren van gemeenten. Zo stelt prof. dr. ir. André Nijhof in de paper ‘Gemeenten & duurzaamheid – een logische combinatie?!’, onlangs gepubliceerd door ImpACTmakers Gemeenten. Als partner in ImpACTmakers hebben we de hoofdpunten voor je samengevat en een link naar de hele paper daaraan toegevoegd. Waarom komt duurzaamheid […]
Vanaf 1 juli 2026 verandert de manier waarop je inlogt in Nmbrs. Vanaf dan maakt Nmbrs gebruik van Visma Connect met tweestapsverificatie (2FA). Dit maakt het eenvoudiger én veiliger. Met Visma Connect log je straks nog maar één keer in voor al je Nmbrs-accounts en je gebruikt daarbij één verificatiecode. Wat verandert er? Met Visma […]
Per 1 mei 2026 stapt de Belastingdienst over van ING naar Rabobank. Alleen de bank en het rekeningnummer veranderen. De manier waarop je betaalt blijft hetzelfde. Wat verandert er voor jou? Vanaf 1 mei 2026 staat het nieuwe Rabobank-rekeningnummer op de betaalinformatie die je van de Belastingdienst ontvangt. Dit geldt voor loonheffingen, btw, inkomstenbelasting en […]
Het wetsvoorstel meer zekerheid voor flexwerkers laat langer op zich wachten dan gepland. De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft bevestigd dat de nieuwe regels voor gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten niet eerder dan 1 januari 2027 ingaan. De overige onderdelen van het wetsvoorstel volgen pas op 1 januari 2028. Als werkgever heb je daardoor […]
© 2026 - Stolwijk Kennisnetwerk