Skip to main content
17 februari 2026

Fiscale eenheid Vpb en btw: wat zijn de voor- en nadelen?

Onderneem je vanuit meerdere bv’s, dan kan het fiscaal aantrekkelijk zijn om, als dat mogelijk is, de bv’s een fiscale eenheid te laten vormen. Dit kan zowel in de vennootschapsbelasting (Vpb) als in de btw. De voorwaarden luisteren echter nauw en er zijn niet alleens voors maar ook tegens. We leggen ze je uit voor zowel de fiscale eenheid Vpb als de fiscale eenheid btw.

Fiscale eenheid Vpb

Een fiscale eenheid in de Vpb is alleen mogelijk op verzoek. Een moedervennootschap (holding) kan op basis van zo’n verzoek dan samen met 1 of meer dochtervennootschappen (werk-bv’s) voor de Vpb worden aangemerkt als een fiscale eenheid. Juridisch blijven de vennootschappen gescheiden, maar fiscaal worden zij gezien als 1 belastingplichtige. En de resultaten van de dochtervennootschap(pen) worden dan toegerekend aan de moedervennootschap. Ook goed om te weten: bij een fiscale eenheid hoef je maar 1 aangifte Vpb in te dienen.

Let op! Voor een verzoek om een fiscale eenheid Vpb moet je een aantal formulieren invullen. Deze dien je vervolgens schriftelijk in bij de Belastingdienst. Je moet het verzoek binnen 3 maanden na de gewenste ingangsdatum hebben ingediend, omdat de maximale terugwerkende kracht 3 maanden is.

Ga naar de ‘Verzoek om een fiscale eenheid vennootschapsbelasting’-pagina van de Belastingdienst voor de formulieren.

Voorwaarden aangaan fiscale eenheid Vpb

Niet alle bv’s kunnen zomaar een fiscale eenheid voor de Vpb met elkaar vormen. Alleen als is voldaan aan de volgende voorwaarden kun je verzoeken om een fiscale eenheid in de vennootschapsbelasting:

  • De moedermaatschappij mag de aandelen in de dochtermaatschappij niet als voorraad aanhouden.
  • De moedervennootschap bezit ten minste 95% van het gehele juridische en economische eigendom in het nominaal gestorte aandelenkapitaal van de dochtervennootschap. Dit aandelenbezit vertegenwoordigt ten minste 95% van de statutaire stemrechten in de dochtervennootschap. In alle gevallen moet het aandelenbezit recht geven op ten minste 95% van de winst en ten minste 95% van het vermogen van deze dochtervennootschap.
  • De boekjaren van de deelnemende bv’s moeten gelijk zijn. Er geldt een uitzondering wanneer een bv in de loop van het jaar wordt opgericht.
  • Alle deelnemende bv’s moeten dezelfde winstbepalingsregels toepassen.
  • Zowel de moedervennootschap als de dochtervennootschap(pen) moeten feitelijk in Nederland zijn gevestigd.

Geen andere uitzonderingen

Let op! Er kan geen fiscale eenheid Vpb worden gevormd als de aandelen in de dochtervennootschap zijn ondergebracht en gecertificeerd in een Stichting Administratiekantoor (STAK). Dan voldoet de situatie namelijk niet aan de voorwaarde dat de moedervennootschap tenminste 95% van het gehele juridische en economische eigendom van de aandelen in de dochtervennootschap bezit.

Fiscale eenheid Vpb in ‘buitenlandsituaties’

Het is ook mogelijk om in bepaalde ‘buitenlandsituaties’ voor de Vpb een fiscale eenheid te vormen tussen Nederlandse vennootschappen. Zo is bijvoorbeeld een fiscale eenheid mogelijk tussen een Nederlandse moedermaatschappij en een Nederlandse kleindochtermaatschappij, wanneer de tussenliggende dochtermaatschappij is gevestigd in een ander EU-land, Noorwegen, IJsland of Liechtenstein. Ook kunnen twee in Nederland gevestigde zustermaatschappijen met elkaar een fiscale eenheid aangaan als de moedermaatschappij is gevestigd in de EU of in Noorwegen, IJsland of Liechtenstein.

Einde fiscale eenheid Vpb

Een fiscale eenheid Vpb kan op diverse manieren eindigen, zoals:

  • Automatische beëindiging als de situatie niet langer aan de voorwaarden voor een fiscale eenheid voor de Vennootschapsbelasting voldoet. Bijvoorbeeld als de moedervennootschap aandelen in de dochtervennootschap verkoopt en daarna minder dan 95% van de aandelen bezit.
  • Op gezamenlijk verzoek van de moedervennootschap en de dochtervennootschap. Dat noem je ‘ontvoeging’. Verbreking kan dan niet eerder plaatsvinden dan op de datum waarop de Belastingdienst het verzoek is ontvangt (dus niet met terugwerkende kracht).
  • Door liquidatie en vereffening van een vennootschap binnen de fiscale eenheid in de Vpb, komt de fiscale eenheid ten aanzien van de vereffende vennootschap ook ten einde. Dit wordt formeel echter niet aangemerkt als een ontvoeging. Dat is van belang omdat bij een ontvoeging antimisbruikmaatregelen kunnen gelden. Bij een liquidatie en vereffening zijn die niet van toepassing omdat dit niet wordt aangemerkt als een ontvoeging.

Voordelen fiscale eenheid Vpb

Een fiscale eenheid voor de Vpb kent enkele belangrijke voordelen, zoals:

  • Verliezen en winsten kun je in een jaar onderling verrekenen.
  • Transacties tussen de verschillende bv’s in de fiscale eenheid fiscaal vinden niet plaats. Deze streep je onderling tegen elkaar weg in het resultaat. Zo kun je zonder fiscale gevolgen tussen de bv’s worden ‘schuiven’ met activa waarop een stille reserve rust. Reorganisatie is daardoor onder voorwaarden binnen de fiscale eenheid zonder belastingheffing mogelijk. Wel geldt de voorwaarde dat de fiscale eenheid 6 (soms 3) jaar in stand moet blijven. Anders kan mogelijk alsnog belastingheffing over de stille reserves plaatsvinden.
  • Een fiscale eenheid Vpb kan gunstiger zijn als de zogenaamde gemengde kosten van de bv’s dermate hoog zijn, dat het financieel voordeliger is om bij de aftrekbeperking te kiezen voor een vast bedrag (in 2026 € 5.700 of 0,4% van de loonsom als dit meer is) dan voor de beperking van de aftrek tot 73,5% van de gemengde kosten. Bij in aftrek beperkte kosten kun je denken aan bijvoorbeeld voedsel en drank, representatie en congressen en studiereizen. Of het per saldo ook voordeliger is om hierom een fiscale eenheid aan te gaan, hangt onder meer af van de afweging van de verschillende voor- en nadelen van de fiscale eenheid.

Nadelen fiscale eenheid Vpb

Naast voordelen kleven er ook nadelen aan een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting, zoals:

  • Je kunt slechts eenmaal profiteren van het 19%-Vpb-tarief over de eerste € 200.000 belastbare winst. Over het meerdere is 25,8% belasting verschuldigd. Zijn er binnen de fiscale eenheid meerdere bv’s met een winst boven de € 200.000, dan kun je dus maar 1 keer gebruikmaken van het 19%-tarief.
  • Iedere bv is hoofdelijk aansprakelijk voor de totale belastingschuld van de fiscale eenheid. Dus niet alleen voor het gedeelte van de Vpb-schuld dat betrekking heeft op de winst die de bewuste bv zelf heeft behaald.
  • Bij het verbreken van een fiscale eenheid kunnen problemen ontstaan. Zo moet je in bepaalde gevallen afrekenen over de meerwaarde van activa die in de voorgaande 6 (soms 3) jaar tussen de bv’s onderling is overgedragen. En de verrekening van verliezen van voor en na de fiscale eenheidsperiode met winsten uit deze periode is aan beperkingen gebonden.
  • De investeringen van alle deelnemende bv’s worden bij elkaar opgeteld. Dit kan nadelig uitwerken voor de investeringsaftrek. Door de optelling bereikt de fiscale eenheid namelijk eerder de grenzen waarbij de investeringsaftrek gelijk blijft, respectievelijk afneemt of er zelfs helemaal geen recht meer op bestaat. Er kan wel voordeel ontstaan:
    • Bij investeringen door de individuele bv’s van niet meer dan € 2.900 per jaar.
    • Als er binnen de fiscale eenheid onderling investeringsgoederen aan elkaar ter beschikking worden gesteld.
  • Bij de desinvesteringsbijtelling kan een nadeel ontstaan, omdat je eerder de grens van € 2.900 bereikt. De desinvesteringsbijtelling is namelijk van toepassing als voor een bedrag van meer dan € 2.900 aan bedrijfsmiddelen wordt vervreemd.
  • Als binnen de fiscale eenheid Vpb 1 onderdeel failliet gaat, kunnen onbetaalde schulden tot belaste winst binnen de fiscale eenheid leiden.

Fiscale eenheid in de btw

Voor het aangaan van een fiscale eenheid btw is geen verzoek of beschikking van de Belastingdienst nodig. Voldoe aan de gestelde voorwaarden en de fiscale eenheid bestaat automatisch. Je mag dan handelen als fiscale eenheid, maar kunt er ook voor kiezen om te handelen alsof er geen fiscale eenheid is.

Op verzoek kunnen vennootschappen ook een btw-beschikking voor de fiscale eenheid vragen aan de Belastingdienst. En de Belastingdienst kan ook op eigen initiatief een beschikking voor de fiscale eenheid afgeven. De fiscale eenheid btw staat dan als zodanig ook bij de Belastingdienst geregistreerd.

Goed om te weten: Het is ook mogelijk om een fiscale eenheid in de btw te vormen met een andere rechtsvorm, bijvoorbeeld een cv of een stichting, maar ook met een natuurlijk persoon. Zo kan er dus een fiscale eenheid bestaan tussen de bv en haar directeur-grootaandeelhouder (dga) als deze dga bijvoorbeeld een pand verhuurt aan zijn bv.

Voorwaarden aangaan fiscale eenheid btw

Voor het vormen van een fiscale eenheid in de btw gelden de volgende voorwaarden:

  • Voor economische verwevenheid moeten de deelnemers bijvoorbeeld een gemeenschappelijke klantenkring hebben of moet bijvoorbeeld de ene vennootschap in belangrijke mate aanvullende activiteiten verrichten voor de andere vennootschap.
  • Alle deelnemers moeten in beginsel btw-ondernemer zijn.
  • Alle deelnemers moeten in Nederland wonen of gevestigd zijn of een vaste inrichting in Nederland hebben.
  • Alle deelnemers moeten op financieel, organisatorisch en economisch gebied dusdanig verweven zijn dat zij een eenheid vormen. Grofweg betekent dit:
    • Meer dan 50% van de aandelen van elk van de vennootschappen moeten direct of indirect in dezelfde handen zijn voor financiële verwevenheid.
    • Voor organisatorische verwevenheid moeten de vennootschappen onder 1 gezamenlijke, als eenheid functionerende leiding staan of moet de leiding van de ene vennootschap feitelijk ondergeschikt zijn aan de leiding van de andere vennootschap.

Tip: Twijfel je of een situatie voldoet aan de voorwaarden, terwijl een fiscale eenheid btw wel wenselijk is? Verzoek de Belastingdienst om de fiscale eenheid btw bij beschikking vast te stellen.

Voordelen fiscale eenheid btw

De fiscale eenheid in de btw kent als belangrijk voordeel dat de deelnemende vennootschappen geen btw betalen over onderlinge leveringen van goederen en diensten. Dit kan financieel voordelig zijn, als zonder fiscale eenheid de door een van de vennootschappen in rekening gebrachte btw bij de andere vennootschap niet (volledig) aftrekbaar zou zijn. Bijvoorbeeld omdat die andere vennootschap btw-vrijgestelde prestaties verricht.

Ook hoef je maar 1 btw-aangifte te doen. Iedere vennootschap hoeft dus niet meer afzonderlijk een aangifte gedaan te doen (als het wenselijk is, kan dat overigens wel). Er vindt een (gecombineerde) btw-aangifte plaats op naam van de fiscale eenheid. De fiscale eenheid krijgt ook 1 btw-nummer.

Let op! Op facturen moeten de individuele vennootschappen gewoon het eigen btw-nummer vermelden, niet het nummer van de fiscale eenheid.

Nadelen fiscale eenheid btw

Een belangrijk nadeel van een fiscale eenheid in de btw is dat alle deelnemende vennootschappen in de fiscale eenheid btw hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de door de fiscale eenheid te betalen btw. Dit geldt echter pas nadat een beschikking fiscale eenheid btw is afgegeven door de Belastingdienst. Omdat het ook is mogelijk om te handelen als fiscale eenheid btw zonder beschikking, kan het raadzaam zijn om niet te verzoeken om een beschikking fiscale eenheid btw. Op die manier bestaat dan geen onderlinge aansprakelijkheid. Uiteraard kan de Belastingdienst nog wel uit zichzelf een beschikking fiscale eenheid btw afgeven. De aansprakelijkheid kan dan echter geen terugwerkende kracht krijgen, maar geldt pas vanaf de dagtekening van de beschikking fiscale eenheid btw.

Einde fiscale eenheid btw

Omdat de fiscale eenheid in de btw van rechtswege bestaat als wordt voldaan aan de voorwaarden, kun je deze fiscale eenheid niet op verzoek laten verbreken. Er vindt pas een verbreking plaats zodra de situatie niet meer voldoet aan de voorwaarden, bijvoorbeeld een of meerdere van de 3 verwevenheden.

Let op! Voldoet een van de vennootschappen niet meer aan de voorwaarden voor een fiscale eenheid btw, meld dit dan zo snel mogelijk bij de Belastingdienst. Die vennootschap kan dan namelijk niet langer deel uitmaken van de fiscale eenheid voor de btw, maar zonder melding blijft de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de btw-schulden wel bestaan.

Meer weten?

Het fiscale eenheidsregime is er een met voor- en nadelen en wat qua aangaan of verbreken past bij jouw situatie hangt vaak af van specifieke details. Laat je daarom altijd goed adviseren. Kunnen wij daarin iets betekenen? Bel of mail ons gerust. We helpen je graag.

Bron: SRA

Terug

Nog niet uitgelezen?