Verandering biedt kansen
Home / Nieuws / Zo gebruik je de 128/214 dagenregeling voor vaste reiskostenvergoeding
De vrijgestelde reiskostenvergoeding voor eigen vervoer is voor 2023 verhoogd naar € 0,21 per kilometer. Voor 2024 wordt dit € 0,23 per kilometer. Als werkgever mag je alleen nog reiskosten vergoeden voor de dagen dat je medewerkers ook echt naar een vaste werkplek reizen. Dit kun je doen op basis van werkelijk gemaakte kilometers, maar ook met een vaste vergoeding. Voor die laatste gebruik je de 128/214 dagenregeling. Hoe werkt dat?
Waarom je een vaste reiskostenvergoeding zou geven in plaats van een verrekening op basis van werkelijk gemaakte kilometers?
De wettelijke regeling zegt dat je een medewerker die in een kalenderjaar op minstens 128 dagen naar een vaste werkplaats reist, een vaste vergoeding mag geven voor 214 dagen. Dit geldt wanneer de medewerker vijf dagen per week reist. Voor wie minder reist, moet je de vergoeding naar rato berekenen. Als vaste werkplek wordt gezien elk adres dat de medewerker in het kalenderjaar meer dan 40 keer bezoekt.
Voorbeeld
Je medewerker reist drie dagen per week naar kantoor. Hij heeft geen auto van de zaak. De enkele reisafstand woon-werk is 25 kilometer. Om de 128/214 dagenregeling toe te mogen passen, moet je medewerker minstens 77 dagen van het kalenderjaar (wat 3/5 van 128 dagen is) naar de vaste werkplek reizen. Je mag de medewerker dan in 2023 een maximale vaste reiskostenvergoeding van (3/5) * 214 dagen * € 0,21 * 50 kilometer = € 1.348,20 per jaar betalen. Per maand is dit een vaste vergoeding van € 112,35.
De mogelijkheid voor een onbelaste reiskostenvergoeding geldt niet op dagen dat je medewerker een auto of fiets van de zaak of een door de werkgever betaald OV-abonnement gebruikt om te reizen naar de vaste werkplek.
Voor dagen waarop je een medewerker een reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer betaalt, kun je niet ook nog een thuiswerkvergoeding geven. Je kunt per dag namelijk maar één type onbelaste vergoeding toepassen.
Werkt een medewerker dus bijvoorbeeld ’s ochtends thuis en ’s middags op kantoor, dan moet je kiezen. Werkt een medewerker echter ’s ochtends thuis en bezoekt hij ’s middags een klant, dan mag je naast de thuiswerkvergoeding wel die kilometers van de middag op declaratiebasis als onbelaste reiskostenvergoeding betalen. Tenzij de medewerker het adres van deze klant meer dan 40 keer per jaar bezoekt en het adres daarmee een vaste werkplek is geworden.
Tip!
Wil je je medewerker zoveel mogelijk onbelast betalen? Kies dan, in geval van een retour-reisafstand van meer dan 10 kilometer, voor de reiskostenvergoeding. In 2023 betaal je bij een reiskostenvergoeding voor 11 kilometer namelijk netto € 2,31, terwijl de onbelaste thuiswerkvergoeding per dag maximaal € 2,15 bedraagt.
Actueel
Rapportageplicht werkgebonden personenmobiliteit: wat werkgevers vóór 1 juli 2026 moeten doen
Reparatiewet nieuw pensioenstelsel: meer bescherming voor medewerkers en nabestaanden
Rechtsvermoeden minimumloon: werkgever moet betaling beter kunnen bewijzen
Deel dit bericht
Nog niet uitgelezen?
De rapportageplicht werkgebonden personenmobiliteit vraagt in 2026 nog steeds aandacht van werkgevers met meer dan 100 medewerkers. Valt je organisatie onder deze verplichting? Dan moet je vóór 1 juli 2026 rapporteren over het zakelijke verkeer en het woon-werkverkeer van medewerkers in 2025. Voor organisaties met minder dan 250 medewerkers verandert de verplichting waarschijnlijk vanaf 2026. […]
De reparatiewet nieuw pensioenstelsel moet praktische knelpunten in de Wet toekomst pensioenen oplossen. Voor werkgevers is dit belangrijk, omdat pensioenafspraken direct raken aan arbeidsvoorwaarden, personeelsadministratie en communicatie met medewerkers. Het wetsvoorstel versterkt onder meer de bescherming van nabestaanden en arbeidsongeschikte medewerkers.Ook moet de uitvoering voor pensioenfondsen en verzekeraars duidelijker worden. Als werkgever krijg je hierdoor […]
Als werkgever krijg je mogelijk te maken met een strengere bewijspositie rond het wettelijk minimumloon. Het kabinet werkt het rechtsvermoeden minimumloon verder uit tot een wetsvoorstel.Daarmee kan de bewijslast verschuiven naar de werkgever als niet duidelijk is of een medewerker genoeg loon heeft ontvangen. Vooral een complete en tijdige loonadministratie wordt daardoor belangrijker. Rechtsvermoeden minimumloon […]
Op 21 mei 2026 is het wetsvoorstel implementatie Richtlijn loontransparantie ingediend bij de Tweede Kamer. Als dit wetsvoorstel wordt aangenomen, treedt de wet op 1 januari 2027 in werking. Voor werkgevers betekent dit concrete verplichtingen op het gebied van salarissen, informatieverstrekking en rapportage. Hoe groter je organisatie, hoe meer er van je verwacht wordt. Dit […]
De Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten heeft gevolgen voor meer bedrijven dan veel werkgevers denken. Niet alleen uitzendbureaus, maar ook detacheerders, payrollbedrijven en andere ondernemingen kunnen onder de Wtta vallen. Leen je personeel uit tegen betaling? Dan moet je mogelijk vanaf 2028 zijn toegelaten door de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt. Ook als je personeel inhuurt, krijg […]
© 2026 - Stolwijk Kennisnetwerk