Verandering biedt kansen
Home / Nieuws / Hoge Raad vult werkelijke rendement onroerende zaken in box 3 verder in
Ondanks eerdere aanwijzingen leefden in de praktijk nog vragen over de invulling van het werkelijke rendement. Bijvoorbeeld als het gaat om onroerend goed. De Hoge Raad heeft specifiek daarover op 20 december 2024 verdere aanwijzingen gegeven; gericht op het berekenen van het werkelijke rendement van onroerende zaken in box 3 vanaf 2017.
Op 6 juni 2024 oordeelde de Hoge Raad dat je in box 3 het – door de Hoge Raad gedefinieerde – werkelijke rendement in aanmerking mag nemen als dit lager is dan het wettelijke forfaitaire rendement. De Hoge Raad gaf daarbij maar ook in latere arresten aanwijzingen hoe je dit werkelijke rendement moet berekenen.
Kort samengevat komen de aanwijzingen van de Hoge Raad voor het werkelijke rendement hierop neer:
Desondanks bleven er vragen over de berekening van het werkelijke rendement van onroerende zaken in box 3. Daarop heeft de Hoge Raad nu gereageerd met verdere aanwijzingen.
Het was dus al bekend dat je voor de (ongerealiseerde) waardeverandering van woningen die in box 3 vallen, zoals vakantiewoningen, moet uitgaan van de WOZ-waarde aan het begin en aan het einde van het jaar. De Hoge Raad heeft nu verder aangevuld dat het hierbij gaat om de WOZ-waarde van het jaar zelf en van het volgende jaar. Voor de box 3-heffing voor 2024 moet je dus uitgaan van het verschil tussen de WOZ-waarden van 2024 en 2025.
Koop of verkoop je een woning in de loop van het jaar? Dan verdeel je de op basis van de WOZ-waarden berekende waardeverandering tijdsevenredig met de koper/verkoper, aldus de Hoge Raad. Verkoop je bijvoorbeeld per 1 juli 2024 een woning en bedraagt het verschil tussen de WOZ-waarde 2024 en 2025 € 40.000, dan is de gerealiseerde waardestijging voor jou € 20.000 en de ongerealiseerde waardestijging voor de koper € 20.000.
Let op! Door een verschil tussen de verkoopprijs en de WOZ-waarde van de woning, kan je totale vermogen in box 3 toe- of afnemen. De Hoge Raad geeft aan dat je dit verschil niet kunt aanmerken als werkelijk rendement in box 3.
De Hoge Raad heeft eerder al bepaald dat je bij het berekenen van het werkelijke rendement geen rekening mag houden met aftrek van kosten. Nu voegt de Hoge Raad hieraan toe dat een waardestijging van een onroerende zaak door kosten voor verbetering of uitbreiding niet meetelt als werkelijke rendement.
Let op! Het vaststellen van verbetering, uitbreiding of onderhoud aan een onroerende zaak is ingewikkeld. Je moet hiervoor de eerdere rechtspraak van de Hoge Raad volgen. Om de waardestijging van woningen in zulke gevallen buiten beschouwing te laten, heb je bovendien een andere dan reguliere WOZ-beschikking nodig.
Verder heeft de Hoge Raad aangegeven dat het voordeel van eigen gebruik van een onroerende zaak in box 3 voor het werkelijke rendement 0 bedraagt. Je hoeft hiervoor dus niets mee te rekenen.
De wijze waarop de Hoge Raad het werkelijke rendement invult onder het huidige box 3-stelsel staat overigens los van het nieuwe box 3-stelsel. De wetgever kan daaraan te zijnder tijd een andere invulling geven.
Bron: SRA
Actueel
Special Miljoenennota 2027: de voorgestelde maatregelen
Kabinet zet scenario’s nieuw box 3-stelsel op een rij
Loondoorbetaling bij ziekte mogelijk aangepast: dit betekenen de scenario’s voor werkgevers
Deel dit bericht
Nog niet uitgelezen?
Het kabinet presenteerde op Prinsjesdag 2026 de Miljoenennota 2027 en het Belastingplan 2027. In onze special vind je de voorstellen van het kabinet die de komende periode door de Tweede en Eerste Kamer worden behandeld. De voorgestelde maatregelen gaan in per 1 januari 2027, tenzij anders vermeld. Ook vind je wijzigingen die al eerder bekend […]
Het kabinet heeft dinsdag in een Kamerbrief de dilemma’s bij vier scenario’s voor de toekomst van box 3 opgesomd, variërend van aanpassingen aan de Wet werkelijk rendement tot een versnelde overstap naar een volledige vermogenswinstbelasting. De financiële gevolgen van de verschillende scenario’s lopen sterk uiteen. De duurste route kost de schatkist tot en met 2035 […]
De loondoorbetaling bij ziekte kan in de toekomst veranderen. Het kabinet onderzoekt verschillende mogelijkheden om de regels werkbaarder te maken voor werkgevers, vooral voor het mkb. Zo wordt gekeken naar een kortere loondoorbetalingsperiode, een collectieve voorziening voor het tweede ziektejaar en minder ruimte voor bovenwettelijke aanvullingen. Ook eenvoudigere regels rond ontslag en re-integratie zijn in […]
Hoge brandstofkosten zorgen ervoor dat werkgevers kritischer naar hun zakelijke mobiliteit kijken. Vooral de elektrificatie van het wagenpark krijgt hierdoor extra vaart. Tegelijk sturen organisaties scherper op kosten, zakelijke kilometers en thuiswerken. Voor werkgevers is dit daarom een goed moment om het mobiliteitsbeleid opnieuw te beoordelen. Zeker met het oog op de voorgenomen pseudo-eindheffing voor […]
De regels voor de bijtelling van een auto van de zaak veranderen niet. Medewerkers en ondernemers die tijdens het jaar stoppen met privégebruik, kunnen de bijtelling niet vanaf dat moment beëindigen. De grens van 500 privékilometers blijft namelijk gelden voor het hele kalenderjaar. Voor werkgevers is het daarom belangrijk om medewerkers vooraf goed te informeren […]
© 2026 - Stolwijk Kennisnetwerk