Verandering biedt kansen
Home / Nieuws / Vervallen van wettelijke vakantiedagen per 1 juli
Volgens artikel 7:640a Burgerlijk Wetboek vervallen de wettelijke vakantiedagen zes maanden na de laatste dag van het kalenderjaar waarin de aanspraak is verkregen. Dat betekent dus dat de wettelijke vakantiedagen die in 2021 zijn opgebouwd, uiterlijk op 1 juli 2022 moeten zijn opgenomen. Als de vakantiedagen dan nog niet zijn opgenomen, vervallen ze.
Elke medewerker heeft recht op vier weken vakantie op jaarbasis. Dit zijn de wettelijke vakantiedagen. Indien een medewerker in de loop van het jaar in dienst komt, worden de wettelijke vakantiedagen naar rato berekend.
In een individuele arbeidsovereenkomst of in een cao is vaak vastgesteld dat de medewerker recht heeft op meer vakantiedagen dan het wettelijke minimum. Dit zijn de bovenwettelijke vakantiedagen en bij de toekenning daarvan kan worden afgeweken van de wettelijke regeling.
Wettelijke vakantiedagen vervallen dus zes maanden na de laatste dag van het kalenderjaar waarin de aanspraak is verkregen. Wettelijke vakantiedagen die in 2021 zijn opgebouwd, moeten dus uiterlijk op 1 juli 2022 zijn opgenomen, anders vervallen ze. Dit lijkt volgens het wetsartikel een automatisch proces, maar is dat wel zo?
‘Nee’, is het antwoord. Het Europese Hof van Justitie heeft in 2018 in het Max-Planck arrest bepaalt dat de werkgever verplicht is om zijn medewerkers tijdig en duidelijk schriftelijk te informeren over de vervaltermijn van de wettelijke vakantiedagen en over de consequenties van het niet tijdig opnemen van de vakantiedagen. De werkgever moet dit te allen tijde uitvoeren, ook wanneer verwacht kan worden van een medewerker dat hij of zij bekend is met de wettelijke regeling. Indien de werkgever dit nalaat of gebrekkig uitvoert, behouden de medewerkers hun recht op de wettelijke vakantiedagen na het verstrijken van de vervaltermijn. De wettelijke vakantiedagen verjaren dan pas na vijf jaar, met als ingangsdatum het jaar van opbouw.
De verjaringstermijn van vijf jaar geldt ook als een medewerker redelijkerwijs niet in staat is geweest zijn wettelijke vakantiedagen op te nemen, bijvoorbeeld in verband met drukte in een organisatie. Dit mag overigens niet te snel worden aangenomen. Ook zieke medewerkers kunnen bijvoorbeeld gewoon vakantie opnemen, zeker als er re-integratieverplichtingen zijn opgelegd aan de medewerker. Tijdens vakantie is de zieke medewerker hiervan vrijgesteld.
Voor de bovenwettelijke vakantiedagen geldt een verjaringstermijn van vijf jaar die begint te lopen na afloop van het jaar waarin ze zijn opgebouwd. De bovenwettelijke vakantiedagen over 2022 komen dus op 31 december 2027 te verjaren. Verjaringstermijnen kunnen in tegenstelling tot vervaltermijnen worden opgeschort. Medewerkers kunnen een brief schrijven aan de werkgever waarin zij aangeven aanspraak te willen blijven maken op de bovenwettelijke vakantiedagen die komen te verjaren. Dan begint er weer een nieuwe verjaringstermijn te lopen.
ATV-dagen vallen niet onder de regelgeving ten aanzien van vakantiedagen. Het is daarom wel mogelijk om ATV-dagen na een bepaalde tijd te laten vervallen.
Het is voor werkgevers dus van belang dat zij hun medewerkers te allen tijde vóór 1 juli 2022 schriftelijk informeren over de vervaltermijn van de wettelijke vakantiedagen. Als je dit als werkgever niet doet of de medewerkers onvoldoende informeert, behouden zij hun recht op de wettelijke vakantiedagen en verjaren zij pas na vijf jaar.
Wil je meer weten over het verjaren van vakantiedagen en wat dit voor jouw organisatie en medewerkers betekent? Neem dan contact op met onze specialisten, zij vertellen je er graag meer over.
Actueel
Special Miljoenennota 2027: de voorgestelde maatregelen
Kabinet zet scenario’s nieuw box 3-stelsel op een rij
Loondoorbetaling bij ziekte mogelijk aangepast: dit betekenen de scenario’s voor werkgevers
Deel dit bericht
Nog niet uitgelezen?
Het kabinet presenteerde op Prinsjesdag 2026 de Miljoenennota 2027 en het Belastingplan 2027. In onze special vind je de voorstellen van het kabinet die de komende periode door de Tweede en Eerste Kamer worden behandeld. De voorgestelde maatregelen gaan in per 1 januari 2027, tenzij anders vermeld. Ook vind je wijzigingen die al eerder bekend […]
Het kabinet heeft dinsdag in een Kamerbrief de dilemma’s bij vier scenario’s voor de toekomst van box 3 opgesomd, variërend van aanpassingen aan de Wet werkelijk rendement tot een versnelde overstap naar een volledige vermogenswinstbelasting. De financiële gevolgen van de verschillende scenario’s lopen sterk uiteen. De duurste route kost de schatkist tot en met 2035 […]
De loondoorbetaling bij ziekte kan in de toekomst veranderen. Het kabinet onderzoekt verschillende mogelijkheden om de regels werkbaarder te maken voor werkgevers, vooral voor het mkb. Zo wordt gekeken naar een kortere loondoorbetalingsperiode, een collectieve voorziening voor het tweede ziektejaar en minder ruimte voor bovenwettelijke aanvullingen. Ook eenvoudigere regels rond ontslag en re-integratie zijn in […]
Hoge brandstofkosten zorgen ervoor dat werkgevers kritischer naar hun zakelijke mobiliteit kijken. Vooral de elektrificatie van het wagenpark krijgt hierdoor extra vaart. Tegelijk sturen organisaties scherper op kosten, zakelijke kilometers en thuiswerken. Voor werkgevers is dit daarom een goed moment om het mobiliteitsbeleid opnieuw te beoordelen. Zeker met het oog op de voorgenomen pseudo-eindheffing voor […]
De regels voor de bijtelling van een auto van de zaak veranderen niet. Medewerkers en ondernemers die tijdens het jaar stoppen met privégebruik, kunnen de bijtelling niet vanaf dat moment beëindigen. De grens van 500 privékilometers blijft namelijk gelden voor het hele kalenderjaar. Voor werkgevers is het daarom belangrijk om medewerkers vooraf goed te informeren […]
© 2026 - Stolwijk Kennisnetwerk