Verandering biedt kansen
Home / Nieuws / Ontslag na overgang van onderneming: wanneer is het toegestaan?
Bij een overgang van onderneming gaan de rechten en plichten van medewerkers automatisch over naar de nieuwe eigenaar. Medewerkers treden van rechtswege in dienst bij de verkrijger en zijn beschermd tegen ontslag. Toch is ontslag na een overgang van onderneming niet altijd verboden. De Hoge Raad heeft recent duidelijkheid gegeven over wanneer een werkgever mag ontslaan, en welke voorwaarden daarvoor gelden. Als werkgever doe je er verstandig aan te weten waar de grenzen liggen.
Van een overgang van onderneming is sprake als de onderneming haar identiteit behoudt na de overname. Dit wordt beoordeeld aan de hand van zeven factoren:
Hoe meer van deze factoren van toepassing zijn, hoe groter de kans dat er juridisch sprake is van een overgang van onderneming. Als werkgever of verkrijger moet je dit goed in kaart brengen, want de gevolgen voor het personeel zijn direct en verreikend.
Medewerkers zijn bij een overgang van onderneming beschermd tegen ontslag om bedrijfseconomische redenen. Dit ontslagverbod is bedoeld om te voorkomen dat een overname direct gebruikt wordt als aanleiding om mensen te ontslaan. De bescherming geldt zowel voor de overdragende als de ontvangende partij.
De wet maakt wel een uitzondering. Het ontslagverbod kan opzij worden gezet als de verkrijger na de overgang besluit zijn organisatie aan te passen op grond van economische, technische of organisatorische redenen, ook wel ETO-redenen genoemd. Het gaat dan uitdrukkelijk om redenen die wijzigingen in de werkgelegenheid met zich meebrengen.
De Hoge Raad heeft recent verduidelijkt hoe ETO-redenen moeten worden beoordeeld. Twee uitgangspunten zijn daarbij leidend:
Ten eerste moeten de ETO-redenen geen intrinsiek verband houden met de overgang zelf. Dit betekent echter niet dat er helemaal geen verband mag bestaan. De reden voor ontslag mag samenhangen met de overgang, maar mag er niet rechtstreeks uit voortvloeien.
Ten tweede geldt: hoe sneller de reorganisatie plaatsvindt na de overgang, hoe sterker de werkgever moet aantonen dat het ontslag los staat van de overname. Als werkgever krijg je dus te maken met een zwaardere motiveringsplicht als je kort na een overname wilt reorganiseren.
De Hoge Raad boog zich over een zaak waarbij een medewerker al sinds 1994 in dienst was bij een supermarkt. Hij werkte als personeelsverantwoordelijke voor acht uur per week en hield zich bezig met verzuimregistratie en contractbeheer. Door een overgang van onderneming trad hij in mei 2023 van rechtswege in dienst bij een andere franchisenemer.
De nieuwe werkgever, de verkrijger, had een servicekantoor waar alle HR-taken voor zijn supermarkten centraal werden uitgevoerd. Hij stelde dat de functie van de medewerker niet inpasbaar was binnen zijn organisatie en daarom overbodig was geworden. Herplaatsing bleek niet mogelijk.
De werkgever vroeg een ontslagvergunning aan bij het UWV, maar die werd geweigerd. Daarna stapte hij naar de kantonrechter, die de arbeidsovereenkomst wel ontbond. De medewerker verloor zijn hoger beroep. Uiteindelijk oordeelde de Hoge Raad dat de verkrijger de ETO-redenen voldoende aannemelijk had gemaakt. De beslissing om de werkzaamheden anders te organiseren stond los van de overgang van onderneming, en het ontslag was daarmee toelaatbaar.
Deze uitspraak geeft werkgevers meer duidelijkheid, maar ook een duidelijke opdracht. Wil je na een overgang van onderneming reorganiseren en medewerkers ontslaan, dan moet je dit goed onderbouwen. Houd daarbij rekening met het volgende:
Ontslag na een overgang van onderneming is mogelijk, maar alleen onder strikte voorwaarden. De Hoge Raad maakt duidelijk dat ETO-redenen de doorslaggevende factor zijn, en dat de timing van een reorganisatie bepalend is voor de bewijslast. Als werkgever die overweegt te reorganiseren na een overname, is zorgvuldige voorbereiding en juridische documentatie geen overbodige luxe maar een absolute noodzaak. Laat je tijdig adviseren, zodat je weet waar je aan toe bent en je beslissingen juridisch standhouden.
Bron: SRA
Actueel
Rapportageplicht werkgebonden personenmobiliteit: wat werkgevers vóór 1 juli 2026 moeten doen
Reparatiewet nieuw pensioenstelsel: meer bescherming voor medewerkers en nabestaanden
Rechtsvermoeden minimumloon: werkgever moet betaling beter kunnen bewijzen
Deel dit bericht
Nog niet uitgelezen?
De rapportageplicht werkgebonden personenmobiliteit vraagt in 2026 nog steeds aandacht van werkgevers met meer dan 100 medewerkers. Valt je organisatie onder deze verplichting? Dan moet je vóór 1 juli 2026 rapporteren over het zakelijke verkeer en het woon-werkverkeer van medewerkers in 2025. Voor organisaties met minder dan 250 medewerkers verandert de verplichting waarschijnlijk vanaf 2026. […]
De reparatiewet nieuw pensioenstelsel moet praktische knelpunten in de Wet toekomst pensioenen oplossen. Voor werkgevers is dit belangrijk, omdat pensioenafspraken direct raken aan arbeidsvoorwaarden, personeelsadministratie en communicatie met medewerkers. Het wetsvoorstel versterkt onder meer de bescherming van nabestaanden en arbeidsongeschikte medewerkers.Ook moet de uitvoering voor pensioenfondsen en verzekeraars duidelijker worden. Als werkgever krijg je hierdoor […]
Als werkgever krijg je mogelijk te maken met een strengere bewijspositie rond het wettelijk minimumloon. Het kabinet werkt het rechtsvermoeden minimumloon verder uit tot een wetsvoorstel.Daarmee kan de bewijslast verschuiven naar de werkgever als niet duidelijk is of een medewerker genoeg loon heeft ontvangen. Vooral een complete en tijdige loonadministratie wordt daardoor belangrijker. Rechtsvermoeden minimumloon […]
Op 21 mei 2026 is het wetsvoorstel implementatie Richtlijn loontransparantie ingediend bij de Tweede Kamer. Als dit wetsvoorstel wordt aangenomen, treedt de wet op 1 januari 2027 in werking. Voor werkgevers betekent dit concrete verplichtingen op het gebied van salarissen, informatieverstrekking en rapportage. Hoe groter je organisatie, hoe meer er van je verwacht wordt. Dit […]
De Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten heeft gevolgen voor meer bedrijven dan veel werkgevers denken. Niet alleen uitzendbureaus, maar ook detacheerders, payrollbedrijven en andere ondernemingen kunnen onder de Wtta vallen. Leen je personeel uit tegen betaling? Dan moet je mogelijk vanaf 2028 zijn toegelaten door de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt. Ook als je personeel inhuurt, krijg […]
© 2026 - Stolwijk Kennisnetwerk