Verandering biedt kansen
Home / Nieuws / Box 3: Forfaitaire rendementspercentages 2023, 2024 en 2025
Staatssecretaris Van Rij heeft de voorlopige en definitieve forfaitaire rendementspercentages voor de jaren 2023, 2024 en 2025 van de vermogenscategorieën in box 3 bekendgemaakt.
Het huidige, forfaitaire, box 3-stelsel kent drie vermogenscategorieën:
Voor de vermogenscategorieën banktegoeden en schulden wordt voor het bepalen van de forfaitaire rendementspercentages zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij het werkelijk in dat jaar behaalde rendement.
Forfaitair rendementspercentage gebaseerd op het gemiddelde maandelijkse rentepercentage op deposito’s van huishoudens met een opzegtermijn van maximaal drie maanden van het lopende kalenderjaar, zoals gepubliceerd door De Nederlandsche Bank.
Forfaitair rendementspercentage gebaseerd op gemiddelden van het lopende kalenderjaar. Hiervoor wordt aangesloten bij de gemiddelde maandelijkse rente over het totale uitstaande bedrag aan woninghypotheken van huishoudens van het lopende kalenderjaar, zoals gepubliceerd door De Nederlandsche Bank.
De forfaitaire rendementspercentages voor banktegoeden en schulden worden gebaseerd op de gegevens over de periode van januari tot en met november van het kalenderjaar, waarbij de maand november dubbel wordt geteld. Aangezien die gegevens pas na afloop van het kalenderjaar bekend zijn, kan het forfaitaire rendementspercentage voor banktegoeden en schulden pas na afloop van het kalenderjaar definitief worden vastgesteld. Inmiddels zijn die voor het kalenderjaar 2023 berekend (die voor 2024 en 2025 kunnen pas na de bewuste kalenderjaren worden berekend).
Daarnaast kan het forfaitaire rendementspercentage voor de categorie ‘Overige bezittingen’ voor het jaar 2025 worden berekend, ervan uitgaande dat de berekeningswijze zoals de wet voorschrijft ongewijzigd blijft.
De forfaitaire rendementspercentages voor de categorieën banktegoeden en schulden kunnen pas na afloop van het kalenderjaar worden berekend en zijn daarom voor de jaren 2024 en 2025 nog niet bekend. Zoals met het Belastingplan 2024 is geregeld, wordt voor de voorlopige aanslagen wel met een ander percentages gerekend. Voor de voorlopige aanslagen 2024 rekent de Belastingdienst voor de categorie banktegoeden met 1,03% en voor de categorie schulden met 2,47%.
Bron: Taxence, Kamerbrief internetconsultatie wetsvoorstel werkelijk rendement box 3, nr. 2024-0000009211, Ministerie van Financien, 25 januari 2024
Actueel
Special Miljoenennota 2027: de voorgestelde maatregelen
Kabinet zet scenario’s nieuw box 3-stelsel op een rij
Loondoorbetaling bij ziekte mogelijk aangepast: dit betekenen de scenario’s voor werkgevers
Deel dit bericht
Nog niet uitgelezen?
Het kabinet presenteerde op Prinsjesdag 2026 de Miljoenennota 2027 en het Belastingplan 2027. In onze special vind je de voorstellen van het kabinet die de komende periode door de Tweede en Eerste Kamer worden behandeld. De voorgestelde maatregelen gaan in per 1 januari 2027, tenzij anders vermeld. Ook vind je wijzigingen die al eerder bekend […]
Het kabinet heeft dinsdag in een Kamerbrief de dilemma’s bij vier scenario’s voor de toekomst van box 3 opgesomd, variërend van aanpassingen aan de Wet werkelijk rendement tot een versnelde overstap naar een volledige vermogenswinstbelasting. De financiële gevolgen van de verschillende scenario’s lopen sterk uiteen. De duurste route kost de schatkist tot en met 2035 […]
De loondoorbetaling bij ziekte kan in de toekomst veranderen. Het kabinet onderzoekt verschillende mogelijkheden om de regels werkbaarder te maken voor werkgevers, vooral voor het mkb. Zo wordt gekeken naar een kortere loondoorbetalingsperiode, een collectieve voorziening voor het tweede ziektejaar en minder ruimte voor bovenwettelijke aanvullingen. Ook eenvoudigere regels rond ontslag en re-integratie zijn in […]
Hoge brandstofkosten zorgen ervoor dat werkgevers kritischer naar hun zakelijke mobiliteit kijken. Vooral de elektrificatie van het wagenpark krijgt hierdoor extra vaart. Tegelijk sturen organisaties scherper op kosten, zakelijke kilometers en thuiswerken. Voor werkgevers is dit daarom een goed moment om het mobiliteitsbeleid opnieuw te beoordelen. Zeker met het oog op de voorgenomen pseudo-eindheffing voor […]
De regels voor de bijtelling van een auto van de zaak veranderen niet. Medewerkers en ondernemers die tijdens het jaar stoppen met privégebruik, kunnen de bijtelling niet vanaf dat moment beëindigen. De grens van 500 privékilometers blijft namelijk gelden voor het hele kalenderjaar. Voor werkgevers is het daarom belangrijk om medewerkers vooraf goed te informeren […]
© 2026 - Stolwijk Kennisnetwerk