Skip to main content
9 maart 2026

Vbar wetsvoorstel zzp: kabinet schrapt deel om onrust bij opdrachtgevers te verminderen

Het kabinet heeft besloten een deel van het wetsvoorstel Vbar (Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden) in te trekken. Dat besluit heeft direct gevolgen voor hoe jij als werkgever omgaat met zzp’ers. De handhaving op schijnzelfstandigheid loopt gewoon door, maar de regels rondom de beoordeling van arbeidsrelaties veranderen van koers. Begrijpen wat er precies verandert en wat er van je verwacht wordt, is nu belangrijker dan ooit.

Wat was het wetsvoorstel Vbar voor zzp’ers?

Het wetsvoorstel Vbar bestond uit twee delen. Het eerste deel regelde een verduidelijking van wanneer iemand als echte zelfstandige werkt of eigenlijk medewerker is. Het tweede deel introduceerde een rechtsvermoeden voor laagbetaalde zzp’ers, waarmee zij makkelijker konden aantonen dat zij feitelijk in loondienst werken.

Het verduidelijkingsdeel zorgde voor veel onrust in de markt. Opdrachtgevers en zelfstandigen wisten niet goed waar zij aan toe waren. Het kabinet heeft daarom besloten dit deel van tafel te halen. Het rechtsvermoeden voor laagbetaalde zzp’ers blijft wel overeind en krijgt zelfs prioriteit.

Handhaving schijnzelfstandigheid gaat gewoon door

Sinds 1 januari 2025 handhaaft de Belastingdienst weer volledig op schijnzelfstandigheid. Dat verandert niet door dit besluit van het kabinet. Als werkgever blijf je dus verantwoordelijk om te beoordelen of de zzp’er die jij inhuurt ook daadwerkelijk als zelfstandige werkt.

Werk je samen met een zzp’er en blijkt achteraf dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst? Dan kan de Belastingdienst je verplichten alsnog loonheffingen af te dragen. Naast dit fiscale risico loop je ook risico’s op het gebied van arbeidsrecht en pensioen. Denk aan:

  • Doorbetaling van loon bij ziekte.
  • Recht op vakantiedagen en ontslagbescherming.
  • Pensioenopbouw via een bedrijfstakpensioenfonds.

Rechtsvermoeden voor laagbetaalde zzp’ers: wat verandert er voor jou?

Het kabinet wil vaart maken met het rechtsvermoeden voor laagbetaalde zelfstandigen. Dit geldt voor zzp’ers die tot 38 euro per uur verdienen (peildatum 1 januari 2026). Als zo’n zelfstandige een beroep doet op het rechtsvermoeden, draait de bewijslast om.

Dat betekent concreet: als werkgever moet jij dan aantonen dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst. Lukt dat niet, dan is er wettelijk gezien sprake van schijnzelfstandigheid en heeft de zzp’er recht op dezelfde bescherming als een medewerker in loondienst.

Dit is een belangrijke verschuiving voor werkgevers die werken met relatief laagbetaalde zelfstandigen. De verantwoordelijkheid om de zelfstandige status te onderbouwen ligt nadrukkelijk bij jou als opdrachtgever.

De Zelfstandigenwet: wat kun je verwachten?

Door het schrappen van het verduidelijkingsdeel van Vbar komt er ruimte voor een nieuw wettelijk kader: de Zelfstandigenwet. Deze wet is een afspraak uit het coalitieakkoord van het huidige kabinet. Het doel is om zzp’ers een duidelijkere rechtspositie en erkenning in de wet te geven.

Minister Aartsen van Werk en Participatie werkt hier de komende tijd hard aan verder. De precieze inhoud van de Zelfstandigenwet is op dit moment nog niet bekendgemaakt. Als werkgever is het slim om de ontwikkelingen rondom deze wet nauwlettend te volgen, want de nieuwe spelregels zullen direct van invloed zijn op hoe je contracten met zzp’ers vormgeeft.

Wat kun je nu al doen als werkgever?

Ook al is het verduidelijkingsdeel van Vbar geschrapt, als werkgever mag je de handhaving niet onderschatten. Er zijn stappen die je nu al kunt zetten om risico’s te beperken:

  • Controleer bestaande zzp-overeenkomsten op kenmerken van schijnzelfstandigheid, zoals gezagsverhouding, persoonlijke arbeidsverplichting en economische afhankelijkheid.
  • Zorg voor een duidelijke onderbouwing waarom een zelfstandige niet in loondienst werkt, zeker bij tarieven tot 38 euro per uur.
  • Gebruik bij voorkeur een goedgekeurde modelovereenkomst van de Belastingdienst om de arbeidsrelatie correct vast te leggen.
  • Houd de ontwikkelingen rondom de Zelfstandigenwet actief bij, zodat je straks niet voor verrassingen staat.
  • Overweeg een arbeidsrechtjurist te raadplegen bij twijfel over een specifieke samenwerking.

Meer rust, maar geen vrijbrief

Het kabinet kiest bewust voor een koers van rust en duidelijkheid rondom zzp’ers. Het schrappen van het verduidelijkingsdeel van Vbar neemt een deel van de onzekerheid weg. Toch blijft de kern ongewijzigd: de handhaving op schijnzelfstandigheid gaat door en als werkgever draag jij de verantwoordelijkheid om de zelfstandige status te kunnen aantonen.

De komst van de Zelfstandigenwet biedt in de toekomst hopelijk meer duidelijkheid voor zowel zelfstandigen als opdrachtgevers. Tot die tijd is het verstandig je huidige werkwijze kritisch tegen het licht te houden en goed gedocumenteerd te werken.

Bron: Accountancy Vanmorgen

Terug

Nog niet uitgelezen?